Kringloopvoordeel fosfaat flink verbeterd op Koeien&Kansen bedrijven

Nieuws

KringloopWijzervoordeel fosfaatproductie kent forse verbetering

Gepubliceerd op
7 maart 2017

Koeien & Kansenbedrijven en De Marke produceren in 2016 gemiddeld 7% minder stikstof en 13% minder fosfaat dan de forfaitaire normen. Dit laat de berekening met de Kringloopwijzer zien. Het Kringloopwijzervoordeel voor fosfaat is in 2016 flink hoger dan in 2015. Het is met 5% toegenomen. Bij stikstof is het Kringloopwijzervoordeel iets kleiner dan in 2015. Ook zijn P-gehalten in het gevoerde krachtvoer en graskuil in 2016 op veel bedrijven gedaald ten opzichte van 2015.

Kringloopwijzervoordeel stikstof iets lager

Figuur 1 laat zien dat het Kringloopwijzervoordeel (KLW-voordeel) voor stikstof op Koeien & Kansen-bedrijven en De Marke in 2016 uitkomt op ruim 7%. Gemiddeld produceren deze bedrijven dus ruim 7% minder stikstof dan de forfaitaire excretienormen. Ten opzichte van 2015 is het KLW-voordeel iets afgenomen. In 2015 was dit voordeel een krappe 8%. Gemiddeld wijzigt het KLW-voordeel voor stikstof ten opzichte van 2015 dus niet zo veel.

Figuur 1: Kringloopwijzervoordeel stikstofproductie ten opzichte van forfaitaire productienormen Koeien & Kansen-bedrijven en De Marke in 2015 en 2016 (%)
Figuur 1: Kringloopwijzervoordeel stikstofproductie ten opzichte van forfaitaire productienormen Koeien & Kansen-bedrijven en De Marke in 2015 en 2016 (%)

In Figuur 1 is te zien dat op 9 Koeien & Kansen-bedrijven en De Marke het KLW-voordeel voor stikstof in 2016 lager is dan in 2015. Vooral bedrijf 9, 12, 16 en De Marke laten een forse daling van het KLW-voordeel zien. Op 7 Koeien & Kansen-bedrijven stijgt het KLW-voordeel of blijft het stabiel. Vooral op de bedrijven 13 en 15 neemt het KLW-voordeel voor stikstof fors toe. Bedrijven 4 en 8 hebben voor wat betreft stikstof geen lagere excretie dan het forfait in 2016.

Kringloopwijzervoordeel fosfaat fors verbeterd

Figuur 2 laat zien dat het KLW-voordeel voor fosfaat op van Koeien & Kansen-bedrijven en De Marke in 2016 uitkomt op ruim 13%. Gemiddeld produceren deze bedrijven dus  ruim 13% minder fosfaat dan de forfaitaire excretienormen. Ten opzichte van 2015 is het KLW-voordeel voor fosfaat met 5 procentpunten toegenomen.

Figuur 2: Kringloopwijzervoordeel fosfaatproductie ten opzichte van forfaitaire productienormen Koeien & Kansen-bedrijven en De Marke in 2015 en 2016 (%)
Figuur 2: Kringloopwijzervoordeel fosfaatproductie ten opzichte van forfaitaire productienormen Koeien & Kansen-bedrijven en De Marke in 2015 en 2016 (%)

Uit Figuur 2 komt naar voren dat 10 Koeien & Kansenbedrijven in 2016 een groter KLW-voordeel voor fosfaatproductie hebben gerealiseerd dan in 2015. De bedrijven 1,6,7,11 en 15 halen zelfs 10procentpunten of meer voordeel dan in 2015. Op de bedrijven 8 en 9 blijft het KLW-voordeel voor fosfaat gelijk. Op 4 Koeien & Kansen-bedrijven en De Marke is het KLW-voordeel in 2016 kleiner dan in 2015. Op twee van deze bedrijven (12 en 13) leidt toepassen van de Kringloopwijzer tot een hogere fosfaatexcretie dan de forfaitaire normen. Vooral bedrijf 13 is beter af met de forfaitaire normen omdat de Kringloopwijzer leidt tot een meer dan 10% hogere fosfaatexcretie.

Veranderingen rantsoen beperkt

Wanneer we kijken naar het gemiddelde rantsoen van de Koeien & Kansen-bedrijven en De Marke in 2016 en dat vergelijken met 2015, zien we geen grote verschillen. Het aandeel graskuil stijgt met 2% en het aandeel maïskuil daalt met 2%. Verder daalt de opname van vers gras met 1% en neemt de opname van krachtvoer met hetzelfde percentage toe. Er worden verhoudingsgewijs evenveel bijproducten gevoerd als in 2015. Het RE-gehalte van het rantsoen blijft in 2016 onveranderd op 155 g RE/kg ds. Dit verklaart de minimale verandering van het KLW-voordeel voor stikstofproductie. Het P-gehalte in het rantsoen daalt wel met 0,2 g P/kg ds naar 3,6 g P/kg ds in 2016. Dat verklaart gemiddeld de flink lagere fosfaatproductie.

P-gehalten graskuil en krachtvoer gedaald

De vorige paragraaf laat zien dat de rantsoensamenstelling als het gaat om verdeling van producten (gras, maïs, krachtvoer) gemiddeld niet veel is gewijzigd in 2016 op de Koeien & Kansen-bedrijven en De Marke. Wel is P-gehalte in het rantsoen gedaald. Figuur 3 en Figuur 4 laten zien dat lagere P-gehalten in de gevoerde graskuil en krachtvoer in 2016 hebben
bijgedragen aan het lagere P-gehalte in het rantsoen en aan de toename van het KLW-voordeel voor fosfaatproductie.

Figuur 3: P-gehalte graskuil in rantsoen Koeien & Kansen-bedrijven en De Marke in 2015 en 2016
Figuur 3: P-gehalte graskuil in rantsoen Koeien & Kansen-bedrijven en De Marke in 2015 en 2016

Figuur 3 laat zien dat het gemiddelde P-gehalte van graskuil in het rantsoen op de Koeien & Kansen-bedrijven en De Marke in 2016 met 0,2 g/kg ds is gedaald naar iets minder dan 4,0 g P/kg ds. Op de bedrijven met de grootste stijging van het KLW-voordeel voor fosfaatproductie (bedrijf 1 en 6) is het P-gehalte van graskuil met respectievelijk 0,75 en 0,60 g P/kg ds gedaald naar iets meer dan 3,5 g P/kg ds in 2016. Bedrijf 8 realiseert in 2016 met 3,3 g P/kg ds het laagste P-gehalte van de Koeien & Kansen-bedrijven en haalt daarmee een KLW-voordeel van meer dan 20% (zie Figuur 2).

Figuur 4: P-gehalte krachtvoer rantsoen Koeien & Kansen-bedrijven en De Marke in 2015 en 2016
Figuur 4: P-gehalte krachtvoer rantsoen Koeien & Kansen-bedrijven en De Marke in 2015 en 2016